HUISHOUDELIJK REGLEMENT d.d. 6 juni 2011

HOOFDSTUK 1, ALGEMEEN

Artikel 1, algemene bepalingen

  1. De vereniging genaamd Uithoornse Wieler Trainings Club, hierna te noemen "de vereni­ging" is bij notariële akte opgericht op twee januari 1935 en is gevestigd te Uithoorn.
  2. Het huishoudelijk reglement is van toepassing in onverbre­kelijke samen­hang met de statuten van de vereniging, zoals deze laatstelijk zijn gewij­zigd en geheel opnieuw vastgesteld bij notariële akte op 8 april 2008.

Artikel 2, afdelingen

  1. De vereniging bestaat uit drie afdelingen, te weten:
    - afdeling wielren
    - afdeling toer
    - afdeling BMX
  2. De vereniging is met de genoemde afdelingen aangesloten bij de Koninklijke Nederlandse Wielren Unie (K.N.W.U.) en de Nederlandse Toer Fiets Unie (N.T.F.U.). Als zodanig is zij gebonden aan de bepalingen die de genoemde unies voor elke afdeling afzonderlijk hebben opgesteld.
  3. De afzonderlijke afdelingen kiezen uit hun leden een afdelingsbestuur, deze behartigt de zaken van de desbetreffende afdeling.

Artikel 3, leden

  1. De vereniging kent de volgende leden:
    - algemene leden (leden die niet actief sporten in een van de afdelingen)
    - afdelingsleden (leden die actief zijn binnen een van de afdelingen)
    - leden van verdienste
    - ereleden
  2. Alle leden (bij leden onder de 16 jaar de wettelijk vertegenwoordiger) hebben stemrecht in de algemene ledenvergadering. Alleen de afdelingsleden (bij leden onder de 16 jaar de wettelijk vertegenwoordiger) hebben stemrecht in de vergaderingen van de desbetreffende afdeling.
  3. Actieve leden zijn leden die deelnemen aan trainingen en wedstrijden. Deze leden zijn verplicht een licentie  of clubkaart van de K.N.W.U. of een toerkaart van de N.T.F.U. aan te vragen.
  4. Leden van verdienste zijn vrijwilligers die wegens bijzondere ver­diensten jegens de vereni­ging als zodanig zijn be­noemd.
  5. Ereleden zijn bestuursleden die zich jegens de vereniging bijzonder verdien­stelijk hebben gemaakt en als zodanig zijn benoemd.
  6. Op leden van verdienste en ereleden rusten geen geldelijke verplichtin­gen, zij hebben echter wel alle rechten van de leden.

Artikel 4, het lidmaatschap

  1. De aanmelding geschiedt door volledige invulling, dagtekening en onder­tekening van een aan­mel­dingsformulier. Deze is te vinden op de website van de vereniging. Voor jeugdleden dient het formu­lier ondertekend te worden door de wettelijk vertegen­woordi­ger.
  2. De leden van de wielrenafdeling en de BMX worden door de ledenadministratie aangemeld bij de K.N.W.U. de leden van de toerafdeling worden door de afdeling aangemeld bij de N.T.F.U.
  3. Leden die om welke reden dan ook hun lidmaatschap willen opzeggen dienen dit voor 1 december van hun laatste lidmaatschapsjaar te doen. Men dient zich schriftelijk bij de ledenadministratie af te melden.

Artikel 5, contributie

  1. De contributie wordt jaarlijks vastgesteld op de algemene ledenvergadering, de afdelingen doen hierin een voorstel.       
  2. In de maand november worden aan alle leden de contributienota`s verstuurd, die voor 1 januari in het opvolgende jaar voldaan dient te zijn. Is dit niet het geval zal er eenmaal een aanmaning worden verzonden. Als er per 1 maart geen betaling is binnengekomen dan wordt het lid van de ledenlijst geschrapt.
  3. Elk wedstrijdrijdend lid van de wielren en BMX  moet zelf de licentie aanvraag bij de bond doen. De bond moet hiervoor een akkoord krijgen van de ledenadministratie van de vereniging, deze wordt alleen verstrekt als de contributie is voldaan. Leden van de wielren en BMX zijn verplicht om basislid te worden van de KNWU,, zij zijn dan tijdens de trainingen ook verzekerd via de KNWU. Het basislidmaatschap van de KNWU wordt door de vereniging aangevraagd, de betaling vindt plaats via de contributie. De toerkaarten worden door het bestuur van de toer collectief aangevraagd
  4. Vrijstelling van contributie hebben bestuursleden van het algemeen bestuur en van de afdelingsbesturen die niet via de vereniging zelf actief zijn in de wielersport. Ook trainers die niet via de vereniging zelf actief zijn in de wielersport worden vrijgesteld van contributie.
  5. Wanneer een lidmaatschap in de loop van het jaar eindigt, blijft niettemin de contributie voor het gehele jaar verschuldigd, behoudens uitzonderingen waarover  het algemeen bestuur een besluit zal nemen.

Artikel 6, Rechten en plichten van leden

Buiten de verplichtingen, geregeld in artikel 5 van de statuten, hebben alle leden de hierna te noemen rechten en plichten.

  1. Bij toetreding als lid hebben zij het recht een exemplaar van de statuten en het huishoudelijk reglement te ontvan­gen.
  2. Zij hebben het recht om deel te nemen aan trainingen en wedstrijden, mits in het bezit van een licentie,of basislidmaatschap van de KNWU.
  3. Zij hebben het recht om deel te nemen aan debatten en stemmingen in de ledenver­ga­deringen.
  4. Zij hebben het recht om voorstellen, klachten en wensen bij het afdelingsbestuur in te dienen. Het afdelingsbestuur is gehouden deze zo spoedig mogelijk te behan­delen of te onder­zoe­ken c.q. te doen behandelen of te doen onderzoe­ken en over het resultaat van de behandeling en/of het onder­zoek bericht te geven aan het lid dat het voor­stel, de klacht of de wens heeft ingediend.
  5. Zij hebben de plicht de ledenadministratie in kennis te stellen van de verandering van hun adresgegevens.
  6. Zij hebben de plicht tot tijdige betaling van de contribu­tie en het aanvragen en betalen van een licentie.
  7. Zij hebben de plicht tot naleving van de reglementen van de vereniging, alsmede van de door het algemeen bestuur en de afdelingsbesturen gegeven richtlijnen, bene­vens de voorschriften van de K.N.W.U of N.T.F.U. Hieronder valt ook het verplicht dragen van een valhelm tijdens door de vereniging georganiseerde activiteiten en trainingen.
  8. Van ieder lid van de vereniging wordt verwacht dat hij/zij actief participeert in het uitvoeren van de diverse taken die er binnen de vereniging moeten worden uitgevoerd om de vereniging draaiende te houden en de accommodaties te onderhouden.

Artikel 7, straffen

  1. In het algemeen zal strafbaar zijn zodanig handelen of nalaten dat in strijd is met de wet, dan wel de statuten, reglementen en/of besluiten van organen van de vereniging of waardoor de belangen van de vereniging worden geschaad.
  2. Boetes opgelegd door de tuchtcommissie van de K.N.W.U., dienen door de leden zelf te worden betaald.
  3. Het bestuur is bevoegd om, met inachtneming van het begin­sel van hoor en weder­hoor, naast een straf welke aan een lid wordt gegeven en door de tuchtcommis­sie van de K.N.W.U. wordt afge­daan, een bijkomende straf vanuit de vereniging op te leggen.
  4. Bij een beslissing als bedoeld in lid 3 van dit artikel heeft het desbetreffen­de lid een beroepsmoge­lijkheid bij de algemene vergadering van de vereni­ging. Dit beroep dient, 6 maanden na het opleggen van de straf door het bestuur, aanhan­gig te worden gemaakt bij de algemene vergadering middels aangete­kend schrij­ven te richten aan de secretaris van de vereni­ging.

Artikel 8, clubkleuren

De clubkleuren zijn in basis vastgesteld op groen en zwart. Verder zal het tenue worden voorzien van de sponsornamen van de bedrijven die op dat moment gecontracteerd zijn. Deze clubtenue`s dienen jaarlijks door de K.N.W.U. te worden goedgekeurd.

Artikel 9, algemeen bestuur

  1. Het (algemeen) bestuur bestaat uit een voorzitter, een secretaris, een pen­ning­meester en algemene leden die allen meerderjarig moeten zijn.
  2. Onder het bestuur valt, onverminderd het bepaalde dienaangaande in de statuten, elders in het huishoudelijk regle­ment of in andere reglementen:
    a. de algemene leiding van zaken;
    b. de uitvoering van de door de algemene vergade­ring genomen beslui­ten;
    c. het toezicht op de naleving van de statuten en regle­men­ten;
    d. benoeming, ontslag en schorsing van personen werkzaam ten behoe­ve van de vereniging.
  3. Het bestuur vergadert tenminste éénmaal per maand volgens een vooraf vastge­steld rooster, met uitzondering van de maan­den juli en augustus. Daarenbo­ven verga­dert het be­stuur zo dikwijls als de voorzitter of tenmin­ste 3 (tenzij anders in de statuten is bepaald) leden van het be­stuur zulks wensen.
  4. Een oproep voor een vergadering dient minimaal 48 uur voor aanvang van de vergadering in het bezit van de be­stuursle­den te zijn, terwijl een verga­dering op verzoek van be­stuursleden binnen maximaal één week dient te worden belegd.
  5. Een bestuursvergadering is tot besluiten bevoegd als de meerderheid van de be­stuursleden aanwezig is. Over perso­nen wordt schriftelijk gestemd, terwijl over zaken monde­ling gestemd kan worden. Besluiten worden bij meerder­heid van geldige stemmen genomen. Indien bij een stemming over zaken de stemmen staken, wordt het voorstel geacht te zijn verworpen. Heeft bij een stemming over personen bij de eerste stemming niemand de meerderheid van de uitgebrachte geldige stemmen verkre­gen, dan vindt een herstemming plaats over de personen, die de meeste of zo nodig op één na de meeste stemmen op zich hebben verenigd. Bij herstemming beslist het grootste stemmenaantal. Indien bij de herstemming de stemmen staken, geeft de stem van de voorzitter de doorslag.
  6. Taken van de voorzitter:
    a. geeft leiding aan en houdt toezicht op het gehele vereni­gingsleven;
    b. is bij alle officiële vertegenwoordigingen de woord­voer­der, tenzij hij deze taak aan een ander bestuurs­lid heeft overge­dragen.
  7. Taken van de secretaris:
    a.  voert de correspondentie uit naam van en in overleg met het bestuur, onderte­kent alle van hem uitgaande stukken, is ver­plicht afschriften ervan te houden en deze evenals de inge­komen stukken te bewaren;
    b. heeft het beheer over het archief;
    c. zorgt voor het bijeenroepen van vergaderingen;
    d. zorgt voor bekendmakingen van veranderingen of aanvul­lin­gen in de statuten en reglementen;
    e. houdt een voor leden toegankelijke lijst bij, waarin de na­men en adres­sen van alle leden van verdienste en ereleden zijn opgeno­men.
  8. Taken van de penningmeester:
    a. beheert de gelden van de vereniging;
    b. zorgt voor het innen van de aan de vereniging toeko­mende gel­den en draagt zorg voor alle door het be­stuur en de algeme­ne vergadering goedge­keurde uitgaven;
    c. houdt boek van alle ontvangsten en uitgaven;
    d. voert de briefwisseling, voor zover deze be­trekking heeft op de uitvoe­ring van de in de voorgaande leden van dit artikel vermelde ta­ken, ondertekent alle van hem uitgaande stuk­ken, is verplicht afschrif­ten te houden en deze, evenals de op de uitvoering van eerder ge­noemde taken betrekking hebben­de ingekomen stukken te bewaren;
    e. brengt in de algemene vergadering verslag uit van de finan­ciële toestand en legt daarbij over de balans en de staat van baten en lasten met toelichting over het afgelo­pen vereni­gingsjaar en een begroting voor het komende verenigings­jaar.

Artikel 10, bestuursverkiezing algemeen bestuur

  1. Ieder bestuurslid treedt uiterlijk 3 jaar na zijn verkie­zing af volgens een in het bestuur afgesproken volgorde en zijn terstond nog maximaal tweemaal herkiesbaar.
  2. De namen van de aftredende bestuursleden, evenals van de door het bestuur gestelde kandidaten dienen gepubliceerd te worden in de agenda van de jaar­lijkse vergadering waarin de bestuursverkiezing aan de orde is. In deze agenda dient tevens de mogelijkheid tot kandidaat­stel­ling door stemge­rechtigde leden van de vereniging geopend te worden, met vermel­ding van de daaraan verbonden procedu­re.
  3. Een kandidaatstelling door stemgerechtigde leden dient schriftelijk bij de secretaris aangemeld te worden, te zijn onder­tekenen door tenminste drie stemgerech­tigde leden en dient vergezeld te gaan van een ondertekende bereidheidverklaring van de desbetreffende kandidaat eventu­eel onder vermelding van de functie die hij in het bestuur ambieert.

Artikel 11, kascontrolecommissie

  1. Conform artikel 11 van de statuten worden door de alge­mene verga­de­ring de leden van de kascommissie be­noemd. De kascommissie bestaat uit twee leden.
  2. De kascontrolecommissie houdt toezicht op het beheer van de penningmeester, Zij is gehouden tenminste éénmaal per jaar de kas de saldi, de boeken en beschei­den van de penning­meester na te zien. Van de uitkomst van dit onderzoek wordt verslag uitgebracht aan de algemene vergadering, waarbij zij de algemene vergadering kunnen adviseren de penningmeester te dechar­geren
  3. De kascontrolecommissie is bevoegd aan het bestuur voorstellen betreffende het financiële beheer te doen.

Artikel 12, commissie Ereleden en leden van verdienste

  1. Vanuit de leden van de vereniging wordt een commissie samengesteld, waarin elke afdeling met een persoon is vertegenwoordigd. Vanuit het algemeen bestuur wordt een voorzitter ingebracht in deze commissie. Deze commissie wordt door de algemene vergadering benoemd.
  2. Deze commissie beoordeeld de door de afdelingen of het algemeen bestuur voorgedragen personen die in aanmerking komen voor het erelidmaatschap of het lidmaatschap van verdienste.
  3. Voor het benoemen van leden tot ereleden of leden van verdienste zijn door de vereniging criteria opgesteld, die op verzoek beschikbaar zijn voor elk lid van de vereniging.

Artikel 13, vertrouwenscommissie

  1. Er wordt door de algemene vergadering een vertrouwenscommissie Ongewenst Gedrag benoemd. De vertrouwenscommissie is zodanig samengesteld dat zij voldoende deskundig wordt geacht klachten in behandeling te nemen en bestaat uit minimaal drie leden.
  2. De vertrouwenscommissie geeft gevraagd of ongevraagd advies aan het algemeen bestuur over:
    a. (on)gegrondheid van de klacht;
    b. het nemen van maatregelen;
    c. overige door het algemeen bestuur te nemen besluiten.
  3. De vertrouwenscommissie neemt, ter bescherming van de belangen van alle direct betrokkenen, de grootst mogelijke zorgvuldigheid in acht bij de behandeling van een klacht. De leden van de vertrouwenscommissie zijn verplicht tot geheimhouding van alle zaken die zij in die hoedanigheid vernemen. Deze plicht vervalt niet, nadat betrokkene zijn taak als lid van de vertrouwenscommissie heeft beëindigd.
  4. De vertrouwenscommissie brengt jaarlijks aan het algemeen bestuur schriftelijk verslag uit van haar werkzaamheden.
  5. De leden van de vertrouwenscommissie worden benoemd voor de periode van vier jaar en zijn terstond éénmaal herbenoembaar. De voorzitter en de leden kunnen op ieder moment ontslag nemen.

Artikel 14, afdelingsbesturen

  1. Behoudens het algemeen bestuur, is er voor elke afdeling een afdelingsbestuur welke bestaat uit leden van de desbetreffende afdeling en benoemd worden door de leden van de deze afdeling. Ook deze bestuursleden treden na een termijn van uiterlijk 3 jaar af en zijn terstond maximaal tweemaal herkiesbaar.
  2. Algemene bestuursleden hebben het recht om vergaderingen van de afdelingsbesturen bij te wonen.
  3. Van de vergaderingen van de afdelingsbesturen worden notulen bijgehouden en aan het algemeen bestuur toegezonden.
  4. De afdelingsbesturen zijn verantwoording schuldig aan de afdelingsleden en het algemeen bestuur.

Artikel 15, het clubblad / website

  1. Het clubblad “Het Stalen Ros”' verschijnt 6x per jaar.
  2. De inhoud en strekking van de opgenomen artikelen mogen het belang van de vereni­ging in het algemeen niet schaden. In de redactie zal een daartoe aange­we­zen ­lid plaats­nemen Deze persoon is verant­woorde­lijk voor het samenstel­len, verschijnen en verspreiden van het club­blad
  3. Onder verantwoordelijkheid van het algemene bestuur is een website samengesteld, deze wordt onderhouden door een daartoe aangewezen lid of enkele leden. De verschillende afdelingen zijn zelf verantwoordelijk voor het aanleveren van informatie en fotomateriaal wat op de site geplaatst kan worden.

Artikel 16, kostenvergoedin­gen

  1. Aan vrijwilligers worden per definitie geen vergoedingen betaald, anders dan voor noodzakelijk gemaakte kosten voor vervoer en verblijf benodigd voor clubactiviteiten.
  2. Het staat de afdelingen vrij om vergoedingen te betalen aan gediplomeerde trainers die verantwoordelijk zijn voor clubtrainingen en wedstrijdbegeleiding. De hoogte van de vergoedingen worden bepaald in overleg met het algemeen bestuur. Deze kosten moeten gedekt worden door de eigen begroting.

Artikel 17, gebouwen van de vereniging

  1. De vereniging draagt generlei verantwoordelijkheid voor de eigendommen van welke aard ook, van leden en derden in de gebouwen aanwezig.
  2. Het clubhuis is gedurende de door de afdelingen van de vereniging georganiseerde activiteiten (trainingen, wedstrijden en vergaderingen) voor de leden toeganke­lijk.
  3. Het beheer en onderhoud van de gebouwen wordt uitgevoerd onder verantwoordelijkheid van het algemeen bestuur, de kosten worden gedekt uit de algemene middelen.
  4. De gebouwen zijn voorzien van deugdelijke sloten, het algemeen bestuur geeft sleutels uit en houdt bij wie en sleutel in zijn bezit heeft. Degene die een sleutel uitgereikt krijgt is verantwoordelijk voor deze sleutel en zorgt er ook voor dat er geen misbruik wordt gemaakt van deze mogelijkheid tot toegang van de gebouwen en de complexen.
  5. Voor de kantine in het clubhuis aan de Europarei is een reglement opgesteld voor alcoholverstrekking. Deze zal door het algemeen bestuur actueel gehouden worden en er zal regelmatig gecontroleerd worden of er gehandeld wordt volgens dit reglement . 

Artikel 18, Financiën

  1. Elke afdeling is verantwoordelijk voor zijn inkomsten en uitgaven. Ze dragen volgens een afgesproken percentage de kosten voor energie en afvalverwerking van de kantine aan de Europarei (wielren 10%, BMX 80% en toer 10%). En voor de overige algemene middelen (wielren 45%, BMX 45% en toer 10%). Deze verdeling kan indien nodig in overleg gewijzigd worden.
  2. Elk afdelingsbestuur heeft mandaat om tot maximaal 2.500 euro per boekjaar boven de begroting te besteden, dreigt men hierboven te komen zal het algemeen bestuur hierover moeten besluiten. Als het algemeen bestuur een negatief besluit neemt, kan de afdeling de leden van de afdeling om en besluit vragen in een ingelaste ledenvergadering. Als de leden in meerderheid akkoord gaan met deze overschrijding van de begroting, dan kan het afdelingsbestuur deze uitgave alsnog doen.
  3. Het algemeen bestuur heeft mandaat om tot een maximum  van 2500 euro per boekjaar boven de begroting te besteden. Komt men hierboven, dan moet er op het afdelingsoverleg een besluit over worden genomen.
  4. Het algemeen bestuur beheert de gelden en houdt toezicht op de financiële situatie van de afdelingen, zij maken een geïntegreerde begroting voor de gehele vereniging en houden een boekhouding bij.
  5. Jaarlijks geeft het algemeen bestuur inzicht in de financiële situatie van de vereniging tijdens de algemene vergadering.
  6. De afdelingen zorgen dat het algemeen bestuur deze financiële stukken kan opstellen door zelf afdelingsbegrotingen te maken en alle inkomsten en uitgaven die zij doen te administreren en ter beschikking te stellen van het algemeen bestuur.
  7. De inkomsten van de kantine van het clubgebouw worden naar rato van de omzetten aan de afdelingen  toegerekend.
  8. De vereniging moet een weerstandsvermogen blijven bezitten van € 50.000,= Dit bedrag moet te allen tijde beschikbaar blijven, mits de algemene ledenvergadering anders beslist.
  9. De trainerslicenties worden betaald door de vereniging en komen ten laste van de betreffende afdeling.

Artikel 19, sponsoring

  1. De verschillende afdelingen kunnen een deel van hun inkomsten halen uit kledingsponsorcontracten, zij zorgen zelf voor het aanbrengen van deze sponsoren. En hebben daarbij ook de verplichting om contacten met deze sponsoren te onderhouden.
  2. De standaardcontracten zijn door het algemeen bestuur opgesteld en zullen ook door het algemeen bestuur mede worden ondertekend. Deze contracten gelden bij voorkeur voor 3 jaar, waarbij de afgesproken sponsorbedragen jaarlijks worden overgemaakt.
  3. Het is ook mogelijk om bordsponsoren te werven voor de beide locaties (parkoers bij het sportpark  Randhoorn en BMX baan aan de Europarei). Bordsponsoren kopen zelf en reclamebord en betalen en jaarlijks bedrag voor de plek langs de parkoersen. De inkomsten zijn voor de afdeling die de betreffende sponsor aanbrengt.
  4. Voor bordsponsoring zijn ook standaardcontracten opgesteld, die mede door het algemeen bestuur worden ondertekend.

Artikel 20, aansprakelijkheid van de leden

  1. Ieder der leden is aansprakelijk voor de door hem aan de eigendommen van de vereniging aangerichte schade. Elke geconstateerde schade wordt geacht veroor­zaakt te zijn door hem of hen die de betreffende zaak het laatst heeft of hebben gebruikt, indien en voor zover het tegendeel niet door de betrok­kene(n) wordt aange­toond.
  2. Leden die vanuit de hun toegekende functie eigendommen van de vereniging onder hun beheer hebben, zijn te allen tijde verantwoordelijk voor deze eigendommen. Bij het neerleggen van hun functie zijn ze verplicht de verenigingseigendommen binnen twee weken aan hun opvolger of het algemeen bestuur over te dragen.

Artikel 21, representatie

Bij onderstaande gebeurtenissen worden namens de vereniging, indien de afdelingsbesturen hiervan tijdig kennis hebben kunnen nemen, door het afdelingsbestuur te bepalen attenties verstrekt:
a. tijdens ziekte, bij thuisverblijf na minimaal 2 weken ziekte­duur;
b. tijdens ziekte, na een verblijf van een week in het zie­ken­huis;
c. bij overlijden van een lid, zijn/haar echtgeno(o)t(e) of kind;
d. bij 25- of 50-jarig huwelijksjubileum van een lid;
e. bij het, 25-, 40- of 50-jarige verenigingsjubileum van een lid.
Overige representaties en attenties te bepalen door het afdelingsbestuur.

De afdelingsbesturen worden geacht  dit soort gebeurtenissen binnen hun afdeling even te melden aan het algemeen bestuur, zodat deze zelf kan bepalen of zij vanuit het algemeen bestuur hieraan ook aandacht willen schenken.

 

HOOFDSTUK 2, AFDELING WIELRENNEN

Artikel 1, Bestuur

  1. Alle belangen van de afdeling wielrennen worden behartigd door een bestuur van minimaal 3 en maximaal 5 personen die met toestemming van de leden zijn benoemd. Onder deze personen worden alle ter zake doende bestuurszaken verdeeld, te weten:
    1. De algemene leiding van de afdeling (jeugdzaken, trainingen, publiciteit e.d.\)
    2. De uitvoering van de in de jaarvergadering genomen besluiten
    3. Het onderhouden van de contacten met het algemene bestuur
  2. De bestuursleden vervullen taken van voorzitter, secretaris, penningmeester. De overige leden zijn algemene bestuursleden
  3. Het bestuur vergadert ten minste 6 maal per verenigingsjaar volgens een voorgesteld rooster. Daarboven vergadert het bestuur zo dikwijls als de voorzitter of tenminste drie leden van het bestuur dit noodzakelijk achten. Tijdens deze vergaderingen zal een vaste afgevaardigde van het algemene bestuur aanwezig zijn, dit om goede contacten te onderhouden.
  4. Een bestuursvergadering is tot besluiten bevoegd als de meerderheid van de bestuursleden aanwezig is. Besluiten worden bij meerderheid van stemmen genomen, de stem van de voorzitter geeft de doorslag.
  5. De afdeling wielrennen dient jaarlijks tenminste een jaarvergadering met de leden te houden. Deze vergadering dient voor de algemene voorjaarsledenvergadering te worden gehouden. Alle leden van de afdeling zijn hierbij stemgerechtigd.
  6. De namen van de aftredende bestuursleden, alsmede de door het bestuur gestelde kandidaten worden gepubliceerd in de agenda van de jaarlijkse ledenvergadering, waarin de bestuursverkiezing aan de orde is. Een kandidaatstelling door de leden dient schriftelijk bij de secretaris aangemeld te worden, ondertekend door tenminste drie leden en dient vergezeld te gaan van een ondertekende bereidverklaring van de desbetreffende kandidaat.
  7. Het bestuur stelt een meerjarenbeleidplan, communiceert dat met de leden en draagt zorg voor de uitvoering van dit plan. Dit plan dient elke 3 jaar bijgesteld te worden aan de stand van dat moment.
  8. Het besuur stelt een jeugdcommissie samen, deze bestaat voor het merendeel uit ouders van de jeugdleden. Deze commissie regelt de zaken voor de jeugdleden, te weten wedstrijdinschrijvingen, vervoer, uitslagen en organisatie van eigen jeugdwedstrijden. Deze commissie werkt onder de verantwoording van het afdelingsbestuur.
  9. Het bijhouden van de ledenadministratie van de afdeling, is en van de taken van het afdelingsbestuur. Hierover zal jaarlijks voor het versturen van de contributienota`s overleg plaatsvinden met het algemeen bestuur, dit om de ledenlijst te actualiseren. Ook zal het algemeen bestuur melding doen aan de afdelingen van de binnengekomen contributiebetalingen

 Artikel 2, Trainingen

  1. Het bestuur stelt een trainingscoördinator aan die verantwoordelijk alle trainingen, hij geeft leiding aan de andere trainers en is verantwoording verschuldigd aan het afdelingsbestuur.
  2. De trainingen worden gegeven door tenminste een gediplomeerde trainer en een hulptrainer.
  3. Het team van trainers is verantwoordelijk voor de indeling van de trainingsgroepen.
  4. Vergoedingen aan trainers geschiedt op grond van behaalde trainersdiploma`s van de KNWU. Hierover maakt het bestuur afspraken met de trainers.
  5. Licenties voor trainers worden vergoed op aanvraag van het afdelingsbestuur, zij geven aan wie hiervoor in aanmerking komt.
  6. Om toegelaten te worden tot de trainingen en trainingswedstrijden dient de wielrenner, in afwijking van artikel 6 lid 2 van hoofdstuk 1, in het bezit te zijn van minimaal een geldige basislicentie van de KNWU.
  7. Gedurende het winterseizoen bestaat de mogelijkheid tot deelname aan spinningtraining in het clubgebouw. De kosten tot deelname vallen buiten de contributie en worden verrekend met de betreffende spinningcoördinator.

 Artikel 3, kleding

  1. Kleding wordt collectief aangeschaft en is via de afdeling te koop voor de leden. Hiervoor wordt voor aanvang van het nieuwe seizoen aanvraagformulieren aan alle leden toegezonden, hierop kan een ieder aangeven, wat hij of zij wil aanschaffen.
  2. Het bestuur zal zorgdragen dat de kleding tijdig beschikbaar is en zorgt voor verspreiding hiervan.
  3. Nieuwe leden moeten na aanmelding en betaling van de contributie aangeven welke kleding zij willen aanschaffen, dit zal dan indien op voorraad zo snel mogelijk geleverd worden.
  4. Jeugdleden kunnen zolang voorradig een fiets huren van de vereniging, men betaalt hiervoor een huursom, die voor 1 juli van het betreffende jaar betaald dient te worden.
  5. Het wordt zeer op prijs gesteld als de wielrenleden tijdens trainingen, club- en andere wedstrijden het officiële clubtenue te dragen, ook tijdens huldigingen e.d.
  6. Tijdens trainingen georganiseerd door de vereniging en wedstrijden is het dragen van een valhelm verplicht.

 Artikel 4, wedstrijden

  1. Elke dinsdagavond in het wedstrijdseizoen houdt de afdeling wielrennen een trainingswedstrijd op het parkoers. Hiervan wordt een klassement opgesteld en bijgehouden.
  2. In de winterperioden wordt elke zondagmorgen een crosswedstrijd gehouden. Hiervan wordt een klassement opgesteld en bijgehouden.
  3. Jaarlijks worden een jeugdinterclubwedstrijd en een Ronde van Uithoorn georganiseerde, deze zijn toegankelijk voor alle licentiehouders van de KNWU in de diverse categorieën.
  4. De wedstrijduitslagen worden door de leden gemeld bij en centraal contactpersoon, die door het bestuur wordt benaderd. Deze persoon draagt zorg voor vermelding van de uitslagen op de internetsite en in de dag- en weekbladen.

 Artikel 5, sponsoring

  1. Binnen de afdeling is een lid verantwoordelijk voor de contacten met de sponsoren, deze is ook verantwoordelijk voor het vier maal per jaar uit te geven nieuwsbulletin.
  2. De kledingsponsoren worden bij voorkeur voor drie jaar gecontracteerd, en de betaling vindt plaats in maximaal twee termijnen, in maart en september.
  3. Facturering van de sponsorgelden vindt plaats vanuit de afdelingen, er dient een afschrift van de facturen naar de penningmeester van het algemeen bestuur te worden verzonden. Bij betalingsachterstanden zal het algemeen bestuur contact opnemen met de afdelingen

 Artikel 6 , Hulp aan vereniging

Van ieder lid wordt verwacht dat hij/zij actief participeert in het uitvoeren van onderhoudswerkzaamheden aan de wielerbaan, bardiensten verzorgd, helpt bij het organiseren van wedstrijden e.d.

Artikel 7, slotartikel

Over situaties en omstandigheden waarin in dit hoofdstuk van het huishoudelijk reglement niet voorziet, beslist het afdelingsbestuur.

 

HOOFDSTUK 3, AFDELING TOERFIETSEN

Artikel 1, Bestuur

  1. Alle belangen van de afdeling toer worden behartigd door een bestuur die met toestemming van de leden is benoemd. Onder deze personen worden alle ter zake doende bestuurszaken verdeeld.
  2. De bestuursleden vervullen taken van voorzitter, secretaris, kasbeheerder, tourleader, columnist, kledingverzorging en materiaalbeheer. Daaronder vallen onder meer verslaglegging van vergaderingen, actualiseren van website, vaststellen en bijhouden van de kalender, innen en registreren van kasgelden en per kwartaal afdracht hiervan naar het algemeen bestuur, het opmaken en versturen van rekeningen, het opstellen van een begroting, het coördineren van toerritten, het ordenen en bewaken van materialen in de daarvoor bestemde kastruimte in het clubgebouw en het bestellen en administratief vastleggen van kledingaanschaf bij de wielren verantwoordelijke.
  3. De toer houdt minimaal eenmaal per jaar voorafgaand aan de algemene ledenvergadering een leden- vergadering. Hierbij worden alle leden van de afdeling uitgenodigd. Daarin wordt melding gemaakt van al het nieuws van UWTC in algemene zin en van de NTFU in het bijzonder
  4. Het bijhouden van de ledenadministratie van de afdeling, is een van de taken van het afdelingsbestuur. Hierover zal jaarlijks voor het versturen van de contributienota`s overleg plaatsvinden met het algemeen bestuur, dit om de ledenlijst te actualiseren. Ook zal het algemeen bestuur melding doen aan de afdelingen van de binnengekomen contributiebetalingen.

Artikel 2, Lidmaatschap

Leden worden pas definitief tot de afdeling toegelaten na invulling en ondertekening van het officiële aanmeldingsformulier en betaling van de contributie. Gastrijders kunnen zonder enige verplichting tot maximaal 3x gratis meerijden. Hierna moet men zich aanmelden als lid van UWTC, of er volgt weigering tot verdere deelname aan de clubritten. Het aangaan van een toerlidmaatschap betekent automatisch lidmaatschap aan de NTFU waartoe een persoonlijke ToerFietsKaart, verzekering, evenementenprogramma en het FietsMagazine behoort.

Artikel 3, kleding

Het dragen van clubkleding is niet verplicht maar wordt tijdens de clubritten zeer op prijs gesteld. Kleding kan alleen door leden worden besteld middels het daarvoor geëigende officiële kledingformulier waarbij de prijzen gelijk zijn aan die van de andere afdelingen binnen de vereniging. Ontvangen kleding dient direct te worden betaald. Het staat de afdeling vrij een eigen kledinglijn te kiezen, deze te bekostigen uit eigen middelen of middels eigensponsorgelden.  Het dragen van een valhelm is tijdens door de vereniging georganiseerde toerritten verplicht.

Artikel 4, clubritten

  1. De toer organiseert van 1 maart tot 1 november wekelijkse clubritten. Zondag, woensdag en donderdag waarbij startlocatie en tijdstippen op de kalender van tevoren aan de leden kenbaar wordt gemaakt. Er onderscheiden zich 2 regimes: een groep rijders met vaste voorrijders die een  snelheid van 27,5 km per uur aanhouden en een groep rijders die kop-over-kop de leiding nemen en een snelheid van 30 km per uur rijden.
  2. Gedurende het winterseizoen bestaat de mogelijkheid tot deelname aan spinninglessen in het clubgebouw. De kosten tot deelname vallen buiten de contributie en worden verrekend met de betreffende spinningcoördinator.
  3. Voor leden die naast het recreatieve fietsen op zoek zijn naar sociale contacten en gezelligheid streeft de toer een beleid na waarin deze aspecten de nodige aandacht krijgen.

Artikel 5, evenementen

Deelname aan of organiseren van evenementen wordt alleen met instemming van de leden georganiseerd. Opbrengst hiervan komt volledig ten gunste van de afdelingskas. Van de leden wordt verwacht dat hij/zij actief participeert in het uitvoeren van taken tijdens aan de afdeling gerelateerde evenementen.

Artikel 6, sponsoring

De toerafdeling kan haar eigen sponsoren zoeken als bijvoorbeeld adverteerders en bordsponsors voor het wielerparcours. Opbrengst van advertenties komt geheel ten gunste van de clubkas en de bordopbrengsten ten gunste van de afdelingskas van de toer.

Artikel 7, slotartikel

Over situaties en omstandigheden waarin in dit hoofdstuk van het huishoudelijk reglement niet voorziet, beslist het afdelingsbestuur.

 

HOOFDSTUK 4, AFDELING B.M.X.

Artikel 1, Bestuur

  1. De afdeling BMX wordt geleid door het afdelingsbestuur en bestaat uit minimaal 3 en maximaal 5 meerderjarige leden.
  2. De leden van het afdelingsbestuur worden gekozen in de afdelingsvergadering en dienen lid te zijn van de afdeling BMX. De voorzitter wordt als zodanig door het afdelingsbestuur gekozen, de overige functies worden door het afdelingsbestuur onderling verdeeld.
  3. Het afdelingsbestuur houdt minimaal 6 maal per verenigingsjaar een vergadering, hierbij zal een vaste afgevaardigde van het algemene bestuur aanwezig zijn, dit om goede contacten te onderhouden.
  4. Voorafgaand aan de algemene voorjaarsledenvergadering dient de afdeling haar ledenvergadering te hebben gehouden.
  5. Het bijhouden van de ledenadministratie van de afdeling, is en van de taken van het afdelingsbestuur. Hierover zal jaarlijks voor het versturen van de contributienota`s overleg plaatsvinden met het algemeen bestuur, dit om de ledenlijst te actualiseren. Ook zal het algemeen bestuur melding doen aan de afdelingen van de binnengekomen contributiebetalingen.

Artikel 2, Trainingen

  1. De trainingen vallen onder verantwoordelijkheid van de trainingscoördinator. De trainingscoördinator geeft leiding aan het team van trainers en is verantwoording verschuldigd aan het afdelingsbestuur.
  2. De trainingen worden gegeven door tenminste een gediplomeerde trainer en een hulptrainer.
  3. Licenties voor trainers worden vergoed op aanvraag van het afdelingsbestuur, zij geven aan wie hiervoor in aanmerking komt.
  4. Het team van trainers is verantwoordelijk voor de indeling van de trainingsgroepen.
  5. Om toegelaten te worden tot de trainingen dient de rijder, in afwijking van artikel 6 lid 2 van hoofdstuk 1, in het bezit te zijn van minimaal een geldige basislicentie van de KNWU.
  6. De rijder kan de toegang tot de training worden ontzegd als hij/zij, zijn/haar materiaal/kleding zoals hierna omschreven in artikel 3, niet op orde heeft en hierdoor een onveilige situatie voor de rijder zelf of voor anderen ontstaat.
  7. Tijdens de training en het warmrijden om de baan wordt de helm op de juiste wijze met de sluiting vast gedragen.
  8. Opdrachten en aanwijzigen van de trainers dienen altijd te worden opgevolgd. De trainer is gemachtigd om de rijder die op enigerlei wijze de training verstoord verdere deelname aan de training te ontzeggen.
  9. Het is de rijder niet toegestaan om de training om welke reden dan ook te verlaten zonder dat de trainer daarvoor toestemming heeft gegeven.
  10. De BMX baan, het start- en finishgebied daaronder begrepen, is uitsluitend toegankelijk voor de rijders, trainers en aangewezen medewerkers. Ouders en verzorgers dienen behoudens na uitdrukkelijke toestemming van de trainer, te allen tijde achter de afzetting te blijven.
  11. Drinken tijdens een training mag, mits een bidon voor aanvang van de training wordt meegenomen naar de startheuvel. Het is niet toegestaan om tijdens de training drinken of andere versnaperingen bij de ouders of in de kantine te halen.
  12. De rijder dient gedurende 15 minuten voor aanvang van de training zijn/haar warming-up uit te voeren. De warming-up bestaat uit:
    1.  warm rijden over het tegelpad langs de baan
    2. actief rekken en strekken
  13. De training wordt afgesloten met een cooling-down (rekken en strekken)

Artikel 3, kleding

  1. Het bepaalde in par. 8 (kleding en de veiligheidsuitrusting) en par. 9 (de fiets) van het wedstrijdreglement fietscross (BMX) van de KNWU is van overeenkomstige toepassing. De kleding en veiligheidsuitrusting moeten minimaal voldoen aan de volgende eisen:
    1. Een stevige lange broek (een spijkerbroek of een fietscrossbroek). Een training- of joggingbroek is niet toegestaan.
    2. Een stevige korte broek in combinatie met kniescheenbeschermers die het gehele scheenbeen beschermen.
    3. Een stevig shirt met lange mouwen
    4. Handschoenen met gesloten vingertoppen
    5. Een full face helm
    6. Dichte schoenen
  2. Aan de rijdende leden van de afdeling BMX wordt een clubshirt in bruikleen gegeven. Het dragen van het clubshirt tijdens club- en officiële wedstrijden is, behoudens voor rijders die deel uitmaken van een officieel Landelijk Sponsor Team (LST) of een Landelijk Discipline Team (LDT), verplicht.
  3. Bij beëindiging van het lidmaatschap dient het shirt in ongeschonden toestand te worden ingeleverd bij een bestuurslid. Wordt het shirt na beëindiging van het lidmaatschap niet ingeleverd, dan zal de kostprijs van het shirt verhoogd met € 15,00 administratiekosten aan het betreffende lid in rekening worden gebracht.
  4. Indien de sponsorbijdragen niet toereikend zijn om de aanschafkosten van de clubshirts te dekken, kan het afdelingsbestuur een eigen bijdrage van de leden vaststellen.
  5. Shirts die dermate zijn beschadigd waardoor ze niet meer bruikbaar zijn, dienen door het lid te worden vervangen. De kosten van vervanging komen voor rekening van het lid. Het al of niet bruikbaar zijn van het shirt is ter beoordeling van het afdelingsbestuur.
  6. Een tweede en volgende shirts komen altijd geheel voor rekening van het lid.
  7. Leden die uitkomen in de (inter)nationale competitie mogen hun naam op het shirt laten drukken.
  8. Voor leden die uitkomen in de (inter)nationale competitie wordt op de shirts, conform de UCI-regels, ruimte gereserveerd voor persoonlijke sponsors. De kosten voor het plaatsen van de persoonlijke sponsors komen voor rekening van het lid.
  9. In afwijking van lid 2 is voor leden die deel uitmaken van een zogenaamd factoryteam oude stijl tot 1 januari 2012 een overgangsregeling van kracht. Deze overgangsregeling houdt in dat deze rijders tot 1 januari 2012  de onder auspiciën van de KNWU georganiseerde wedstrijden in hun eigen gesponsorde shirts mogen rijden, mits voldaan is aan de volgende voorwaarden:
    a. Het lid maakte op 1 januari 2010 reeds deel uit van het factoryteam;
    b. Het factoryteam heeft aantoonbaar lopende sponsorcontracten daterend van vóór 1 januari 2010 die
        aflopen na 1 januari 2011;

Artikel 4, wedstrijden

  1. De organisatie van wedstrijden vindt plaats onder verantwoordelijkheid van de wedstrijdcommissie. De wedstrijdcommissie wordt aangesteld door het afdelingsbestuur en is ook verantwoording aan hen verschuldigd.
  2. De wedstrijdcommissie bestaat uit minimaal 2 KNWU niveau 3 gecertificeerde leden.
  3. De wedstrijdcommissie organiseert jaarlijks een clubcompetitie bestaande uit 8 wedstrijden op een trainingsavond. Deze clubwedstrijden zijn uitsluitend toegankelijk voor leden van de UWTC. Van de 8 wedstrijden zijn er 7 tellend voor het eindklassement en een lid moet minimaal 6 wedstrijden hebben gereden voor een klassering in het eindklassement.
  4. Behoudens de klassenindeling is op de clubwedstrijden het wedstrijdreglement fietscross (BMX) van de KNWU van overeenkomstige toepassing.
  5. De wedstrijdcommissie organiseert jaarlijks het zogenaamde “tijdrijden”. Voor deze wedstrijd gelden de volgende regels:
    1. Iedere rijder rijdt drie keer de hele baan vanaf het starthek tot de finish
    2. Van elke rit wordt de tijd met een stopwatch vastgelegd
    3. Van de drie ritten wordt een gemiddelde tijd berekend
    4. Vervolgens wordt de grootste afwijking van de gemiddelde tijd bepaald (afwijking)
    5. De rijder met de laagste afwijking wint de tijdritten en krijgt de wisselbeker
    6. De rijder die in de drie opeenvolgende jaren het tijdrijden wint, mag de wisselbeker behouden.
    7. De wedstrijdcommissie is verantwoordelijk voor de samenstelling van de jury en baanmedewerkers.
    8. Over situaties en omstandigheden waarin dit reglement niet voorziet, beslist de wedstrijdcommissie.
  6. Tegen beslissingen van de wedstrijdcommissie is geen beroep mogelijk bij het afdelings- of algemeen- bestuur.

Artikel 5, sponsoring

  1. De kledingsponsoren worden bij voorkeur voor drie jaar gecontracteerd, en de betaling vindt plaats in maximaal twee termijnen, te weten in maart en september.
  2. Facturering van de sponsorgelden vindt plaats vanuit de afdelingen, er dient een afschrift van de facturen naar de penningmeester van het algemeen bestuur te worden verzonden. Bij betalingsachterstanden zal het algemeen bestuur contact opnemen met de afdelingen.

Artikel 6 , baanonderhoud

Van ieder lid c.q. ouder/verzorger van een jeugdlid wordt verwacht dat hij/zij actief participeert in het uitvoeren van onderhoudswerkzaamheden aan de baan, de kantine en/of bardiensten verzorgd.

Artikel 7, slotartikel

Over situaties en omstandigheden waarin in dit hoofdstuk van het huishoudelijk reglement niet voorziet, beslist het afdelingsbestuur.

 

HOOFDSTUK 5, SLOTBEPALINGEN

Artikel 1, wijziging van het huishoudelijke reglement

  1. Het huishoudelijk reglement kan slechts gewijzigd worden door een besluit van de algemene vergadering, waartoe werd opgeroepen met de mededeling dat aldaar wijziging van het huishoudelijk reglement zal worden voorgesteld. De termijn voor oproeping tot een zodanige vergadering moet tenminste 14 dagen bedragen.
  2. Tenminste 14 dagen voor de vergadering wordt gehouden, moet een afschrift van het voorstel, waarin de voorgedra­gen wijziging woordelijk is opgenomen, op een daartoe geschikte plaats voor de leden ter inzage gelegd worden tot na afloop van de dag waarop de vergadering wordt gehouden . Bovendien wordt de voorgestel­de wijziging van het huis­houde­lijk reglement tenminste 14 dagen voor de vergade­ring in het cluborgaan gepubliceerd en/of een afschrift hiervan aan alle leden toegezon­den.
  3. Een besluit tot wijziging van het huishoudelijk reglement behoeft tenminste 2/3 van de uitgebrachte geldige stemmen, in een algemene vergadering.

Artikel 2, slotbepalingen

  1. Ieder lid en verenigingsorgaan heeft zich te houden aan de bepalingen van dit reglement.
  2. Na vaststelling van het reglement wordt zo spoedig moge­lijk de tekst bekend gemaakt aan de leden.

Dit huishoudelijk reglement en alle navolgende wijzigingen van dit regle­ment treden in werking 14 dagen na het ver­schij­nen van het clubblad waarin de tekst van het regle­ment is opgeno­men.

Aldus vastgesteld in de algemene ledenvergadering van de vereniging de dato 31 mei 2010.

Namens het bestuur van de vereniging.

De voorzitter:                                                        De secretaris: